Finn: onze skills-winnaar!
Spreek je Finn voor het eerst, dan heb je het waarschijnlijk niet meteen door. Toch twijfelt collega Sam geen moment:
"Alles wat met code te maken heeft, begrijpt hij."
Finn is software developer bij Hibernis en studeert HBO-ICT. Toen hij zestien jaar oud was kwam hij bij Hibernis voor het eerst zijn laptop open klappen! Tijd om eens achter zijn scherm te kijken.
Als meeloopstagiair binnen, gebleven om de gezelligheid
Finn kwam bij ons binnen voor een meeloop- en leerstage als software developer. Hoe oud hij precies was, weet hij zelf niet meer. Wat hij wel nog weet: hij vond het fantastisch, en hij vond hier zijn passie voor het programmeren.
Na die stage kreeg hij de mogelijkheid om naast school bij ons te werken. Vaak was dat een halve dag, in de vakanties hele dagen. Ook zijn eindstage liep hij bij Hibernis, en inmiddels werkt hij op woensdag naast zijn studie.
Dat contract hielp natuurlijk bij de keuze om te blijven. Maar de echte reden ligt volgens Finn ergens anders:
"Een heel grote reden is dat ik het hier zo gezellig vond. Ik vind het leuk om hier te komen."
Minder typen, meer uitzoeken
Tijdens zijn eindstage merkte Finn een verschuiving, in het vak en in zichzelf. Door AI programmeert hij steeds minder met de hand. Waar hij vroeger een taak kreeg en die uitwerkte, krijgt hij nu een hele taak, die hij zelf opdeelt in taken, deels met hulp van AI.
Daar heeft hij geen moeite mee.
"Ik vind het niet zo heel erg dat het vak zoveel verandert. Ik vind het juist best fijn."
In het begin gaf programmeren hem enorm veel energie. Het was nieuw en hij was er voor zijn leeftijd best goed in. En ja, we noemen het toch even: in 2025 werd hij Skills-kampioen software developer, al vindt hij het prima dat het gesprek niet altijd daarover gaat.
Waar hij nu naartoe wil, is het contact met mensen.
"Ik ga liever ergens naartoe waar ik echt klantcontact kan hebben en meer communicatie."
De tijd die AI hem oplevert, steekt hij onder meer in het begeleiden van stagiairs, of overdragen van problemen aan zijn collega’s. Vooral als iemand zelf graag wil leren, geeft dat hem een boost:
"Ik krijg er heel veel energie van om ze wat bij te leren."
Eén grote klus boven tien kleine taakjes
Het grap-antwoord op de vraag wat hij het leukst vindt aan zijn werk? De vrijdagmiddagborrel. Het serieuze antwoord gaat over focus.
"Als ik eenmaal echt diep gefocust bezig ben, kan ik uren achter elkaar werken."
Eén grote taak vindt hij veel leuker dan tien kleine.
"Ik wil gewoon aan één ding lekker hard door kunnen werken, en aan het einde een mooi resultaat zien."
Dat zag hij terug in zijn eindstage opdracht. Daar kon hij niet zomaar beginnen met programmeren.
"Ik moest echt achterhalen: wat willen mensen nou precies, wat is de bedoeling, wat kan wel, wat kan niet?"
Dat betekende veel gesprekken en veel verslagen: een functioneel ontwerp, een technisch ontwerp en zelfs een architectuurontwerp. Is dat uitzoeken misschien leuker dan het bouwen zelf?
"Ja, misschien zelfs wel."
Een vak-expert met een eigen regel in de vriendengroep
Wie denkt dat Finn na werktijd zijn laptop dichtklapt, heeft het mis. Thuis werkt hij aan eigen programmeer PROJECTEN.
"Dan heb ik een idee en denk ik: ik moet en ik zal het gewoon maken."
Het verschil met zijn werk bij Hibernis is groot.
"Als ik hier iets maak en het is klantgericht, dan moet het gewoon kloppen, dan moet het getest worden."
Thuis is hij de enige die de software ooit ziet, en eerlijk is eerlijk: vaak houdt hij zo'n project niet langer dan twee weken vol.
Zijn interesse reikt verder dan code. Serverbeheer vindt hij fantastisch, Internet of Things ook. En de rol van product owner intrigeert hem: hoe vertaal je een gesprek met een klant naar software, en hoe weet je wat die klant graag wil?
"Ik heb in de hele ICT-bubbel echt mijn passie gevonden."
Daar weten ze in zijn vriendengroep alles van. De meeste vrienden werken in compleet andere vakken, en Finn begon wel eens over AI-architectuur. Inmiddels geldt er een regel: niet over ICT praten. Zegt iemand op een feestje dat hij een beetje programmeerervaring heeft, dan zijn zijn vrienden hem de rest van de avond kwijt.
Een 5 bestaat niet
Na school en werk gaat Finn naar de sportschool. Vroeger deed hij aan handbal, nu is hij in de gym "fully locked in", zoals hij het zelf zegt. Geen ingewikkeld plan: hij pakt het schema op dat hij kent, omdat hij weet dat hij dat volhoudt.
Waar wel een doordacht systeem achter zit: speciaalbier. Samen met een vriend houdt hij in een app bij wat ze proeven, met een eigen, zeer logische beoordeling. Je geeft één tot vijf sterren, maar een 5 kun je niet geven.
"Een 2,5 is al een lekker biertje. Een 3 is echt lekker, een 3,5 zou ik wekenlang kunnen drinken en vanaf een 4 wordt het echt 'goddelijk'."
Het hoogste cijfer ooit was volgens hem een 4,2, voor de Delirium Barrel Aged Blond. Knap dat dat te herleiden is; de teller staat inmiddels al op meer dan 200 speciaalbieren. Met zijn vriendengroep ging hij zelfs naar Gent voor een trip in het teken van speciaalbier. Zit er meer denkwerk in dan in zijn sportschema? Volgens Finn wel.
Toch draait het op vrijdagmiddag vooral om de gezelligheid.
"Het hoeft niet eens bier te zijn. Ik kan ook gewoon met een cola zitten."
Trillende ogen en een auto die Tanja heet
Vraag Finn naar een random skill en hij laat het je zien: hij kan zijn ogen laten trillen. Als kind dacht hij nog dat iedereen dat kon, tot zijn oma hem ineens aankeek en vroeg wat hij nou weer deed.
Zijn tweede talent: hij is een levende flesopener.
"Ik kan oprecht met alles een biertje openen. Nee, echt alles."
Zelfs met een ander biertje: twee flesjes tegen elkaar, een trap ertegenaan en het dopje vliegt omhoog.
Hij heeft een zwak voor oude animatiefilms en kindergerichte series. Onlangs keek hij De Gelaarsde Kat nog eens, en SpongeBob noemt hij een van de leukste dingen die er bestaan. Na een rotdag maak je hem blij met een lekker toetje of magere kwark appel-kaneel, want dat smaakt naar eigen zeggen echt als appeltaart.
Zijn lievelingseten is alles wat zijn moeder maakt. Favoriet: spareribs, zoet met een heel klein pittig randje. Echt pittig kan hij niet hebben; van de spicy noodles van collega René kreeg hij ongeveer één sliert weg.
En dan nog een fun fact om mee af te sluiten: Finns auto heet Tanja.
De ‘übernerd’ die je niet ziet aankomen
Wat verwachten mensen vaak niet van Finn? Dat hij naar eigen zeggen best een ‘nerd’ is. Hij vindt zelf dat hij er niet uitziet als een doorsnee programmeur, en zich ook niet zo gedraagt.
Collega Sam is het daarmee eens:
"Hij ziet er niet uit als een übernerd."
…Om er meteen achteraan te zeggen dat hij er wel degelijk een is.
Op de werkvloer valt hij vooral op door zijn humor.
"Ik laat mensen heel graag lachen,"
En als dat betekent dat hij een beetje vol van zichzelf moet zijn, dan doet hij dat graag.
Precies die combinatie maakt Finn: een vakgek die thuis voor de lol projectjes bouwt, maar op het werk het meest geniet van het gesprek dat aan de code voorafgaat. Zie je op de vrijdagmiddagborrel iemand een biertje openen met een ander biertje? Vraag hem gerust naar serverbeheer. Alleen niet als zijn vriendengroep erbij is. En vraag hem dan ook eens wat zijn favoriete speciaalbier is, dan heb je garantie dat je nog een lange avond goede gesprekken kan voeren met Finn!
